Code-S: doorgaande leerlijn programmeren voor het basisonderwijs

Uitgeverij Delubas brengt in augustus 2019 de methode Code-S op de markt. Met Code-S leren basisschoolleerlingen van groep 5 tot en met 8 programmeren. Niet als doel op zich, maar om vraagstukken logisch en gestructureerd aan te pakken en op te lossen. “Leerlingen trainen op die manier hun creativiteit en planmatig denken – kwaliteiten die je niet alleen in de ICT-branche, maar ook in talloze andere beroepen nodig hebt”, vertelt Delubas-redacteur Yoïn van Spijk.

Code-S is een methode voor programmeren in het basisonderwijs met een doorgaande leerlijn. Leerlingen werken met Scratch en leren spelenderwijs programmeren. Later in de leerlijn maken ze kennis met andere programmeertalen en programmeren ze een website. “De methode is heel toegankelijk: leraren met en zonder affiniteit met ICT kunnen gemakkelijk met Code-S uit de voeten”, stelt Yoïn.

Gestructureerd lesplan noodzakelijk
Een verkennend onderzoek dat Delubas in 2017 onder basisschoolleraren hield, wees uit dat 96 procent van de ondervraagden computational thinking aan wil bieden aan zijn leerlingen. 88 procent wil dat doen met programmeren. “Vervolgens bleek echter dat leraren terughoudend zijn”, weet Yoïn. “Ze willen hun leerlingen leren programmeren, zien er de relevantie van in, maar het is een nieuw vak voor ze en het zit niet in de pabo-opleiding. Leraren schrikken ervoor terug, omdat ze het gevoel hebben niet boven de stof te staan. Een vergelijking met het techniekonderwijs dringt zich op.”
Delubas is vervolgens gaan nadenken hoe ervoor gezorgd kan worden dat iedereen die programmeeronderwijs wil geven, dat ook kan en gaat geven. “Daarvoor blijkt een gestructureerd lesplan noodzakelijk”, legt Yoïn uit. “Er is van alles te vinden, gratis en niet-gratis, maar een lesmethode met doorgaande leerlijn ontbreekt. Ook ontbreekt voldoende ondersteuning voor de leraren. Ze staan immers niet boven de stof. In Groot-Brittannië liep men, ondanks de verplichting van hogerhand, tegen precies deze twee zaken aan”, merkt Yoïn op.

Voor álle kinderen
Delubas ging aan de slag en baseerde zich daarbij op het meest recente wetenschappelijk onderzoek naar programmeeronderwijs. Ook werd Felienne Hermans van PERL betrokken bij de ontwikkeling van de lesmethode.
“Leraren hebben lesmateriaal nodig voor álle kinderen”, vindt Yoïn, “niet alleen voor de pluskinderen, die nu vaak als extra uitdaging programmeerles krijgen. Code-S is voor alle niveaus en voor zowel jongens als meisjes. Voor pluskinderen zorgen we vanzelfsprekend voor extra uitdaging door middel van plusopdrachten die een stapje verder gaan.”

Bit en Botje
Met level 1 van Code-S kan vanaf groep 5 gestart worden. Het is de verwachting dat veel scholen pas in groep 6, 7 of 8 met Code-S starten. Dat doen ze dan altijd met level 1. Er zijn vijf lesblokken per jaar en vijf lessen per lesblok. “De methode heeft een duidelijke structuur, is gestoeld op herhaling en uitbreiding”, licht Yoïn toe. “Elke les bestaat uit gezamenlijk en zelfstandig werken. Aan het begin van de les wordt herhaald wat vorige keer aan bod is gekomen, alvorens met de uitbreiding begonnen wordt. Door onze ervaring met ander lesmateriaal voor programmeren weten we dat leerlingen kunnen afhaken als ze niet voldoende gemotiveerd worden. Daarom hebben we een motiverend achtergrondverhaal bedacht. Een doorlopend verhaal, waarin hoofdrolspelers Bit en Botje per level een spannend avontuur beleven. Leerlingen brengen scènes uit het verhaal tot leven en dat maakt de programmeeropdrachten extra relevant voor hen. Ook zijn er veel unplugged opdrachten, waarbij leerlingen goed leren nadenken over wat ze gaan programmeren. Ze trainen de vaardigheid computational thinking bij uitstek met die opdrachten.
Zowel de programmeeropdrachten als de unplugged oefeningen staan in een werkboek, zodat leerlingen niet hoeven te werken met meerdere vensters op de computer. We hebben goed gelet op het leesniveau van de leerlingen per groep, zodat ze daar niet door geremd worden.”

Ondersteuning leraar
De leraar heeft voor Code-S geen voorkennis nodig en ook de voorbereidingstijd is minimaal, verzekert Yoïn. Code-S beschikt over een digitale assistent die de gezamenlijke instructie verzorgt, vragen aan de leerling stelt en, wanneer de leerling geantwoord heeft, de juiste antwoorden geeft. “De leraar heeft een coachende rol. Naarmate de leraar meer ervaring krijgt met de programmeerlessen, raakt hij of zij vanzelf ook vertrouwd met het programmeren”, aldus Yoïn.
Code-S vergt weinig materiaal. De methode bestaat uit digibordsoftware en werkboeken voor de leerlingen. Level 1 voor groep 5 en verder is beschikbaar vanaf de start van schooljaar 2019-2020. Onlangs is gestart met de werving van partnerscholen die Code-S willen uittesten.

Bekijk ook de slides van Yoin.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *